Categorie archief: Nederlandse verkiezingen

Zo stemde het buitenland

Het stembureau dat verantwoordelijk is voor het tellen van alle stemmen in het buitenland heeft alle binnengekomen stemmen geteld. Ik heb, net als in 2012, op grond van de stemmen een zetelverdeling gemaakt van een Tweede Kamer, zoals die eruit zou zien als u in Nederland allemaal thuisgebleven was op 15 maart (en heb even geen rekening gehouden met lijstverbindingen, wel met restzetels).

image001

U ziet, dat wij hier in het buitenland toch iets anders stemmen dan u in Nederland. Maar de verschuivingen ten opzichte van de verkiezingen in 2012 zijn wel vergelijkbaar:

  • De regeringspartijen verliezen allebei. De VVD wat forser dan in Nederland (van 51 naar 35, -16), de PvdA wordt “slechts” gehalveerd (van 22 naar 12, -10). Ook de SP verliest (van 11 naar 5, -6).
  • Groen Links maakt een klapper (van 12 naar 26, +14), nog groter dan in Nederland
  • D66 was in 2012 al heel groot in het buitenland en wint niet zo veel als in Nederland (van 32 naar 35, +3).
  • De PVV groeit, maar wordt niet zo groot als in Nederland (van 8 naar 12, +4)

D66 is op grond van het aantal uitebrachte stemmen de grootste partij, nipt groter dan de VVD, maar het verschil is zo klein dat beide partijen op 35 zetels komen.

Omdat er twee behoorlijk grote partijen zijn, zou in deze (fictieve) zetelverdeling de formatie van een regering waardschijnlijk duidelijk makkelijker verlopen. Er zijn diverse coalities van 3 partijen mogelijk.

 

Advertenties

2 reacties

Opgeslagen onder Nederlandse verkiezingen

Air Dogan landt niet, Rutte zweeft.

Grote ophef in Nederland. Turkse ministers willen in Nederland propaganda maken voor het referendum, dat binnenkort in Turkije wordt gehouden en als doel heeft om de zittende president Erdogan nog meer macht te geven dan hij al heeft. Nederland heeft daarom de landingsrechten van de Turkse diplomatieke luchtvaart, die ik voor het gemak maar even Air Dogan genoemd heb, ingetrokken. Inmiddels lijkt het erop, dat Air Dogan met vliegtuigvervangend autovervoer alsnog het land in is gekomen.

Laat ik vooropstellen, dat ik president Erdogan een ordinaire machtswellusteling vind, die druk bezig is om de toch al wankele Turkse democratie zo snel mogelijk om zeep te helpen. Dat Nederland daar niet aan mee moet werken, is duidelijk. Dat Erdogan daarop met vocabulaire uit de Tweede Wereldoorlog gaat strooien, duidt eens en te meer aan dat die man op het verkeerde pad is.

Minister-president Rutte had echter een heel ander argument vandaag om Air Dogan niet in Nederland te laten landen. Volgens de Zwitserse nieuwssite 20 Minuten zei Rutte, dat het niet correct is dat een Turkse minister campagne voert in Nederland onder Nederlanders, zelfs als die misschien ook een Turkse pas hebben. Want zij zouden in eerste instantie Nederlander zijn.

Dat is een merkwaardig argument.

Om te beginnen: iemand met zowel de Turkse als de Nederlandse nationaliteit is niet “meer” Nederlander of “meer” Turk. Hij is allebei. Punt uit.

Bovendien: Ruttes eigen partij heeft ook afdelingen in het buitenland. Aan de Côte d’Azur, in Brussel en ook hier in Zwitserland, in Genève om precies te zijn. Maak de kat maar wijs dat die op dit moment geen campagne voeren.

Ook het argument dat Turkije tijdens de Nederlandse verkiezingstijd geen Turkse campagne zou mogen voeren, gaat niet op. Zoals gezegd: de VVD heeft een afdeling in Zwiterland, en het is in Zwitserland vrijwel altijd verkiezingstijd. Er waren hier op 12 februari diverse landelijke referenda en morgen zijn er verkiezingen op kantonaal en gemeentelijk niveau. Op 21 mei zijn er verkiezingen voor het rooms-katholieke kerkbestuur en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Tenslotte: is het niet doodnormaal, dat er ook in het buitenland stemgerechtigden zijn en er dus ook in het buitenland campagne wordt gevoerd?

Nee, het gaat er niet om dat campagnevoeren in het buitenland niet zou mogen.

Waar het wel om gaat: Iemand probeert met democratische middelen de democratie in zijn land uit te schakelen. Daar hebben we in Europa heel slechte ervaringen mee. Daar hoeft een democratisch land als Nederland op geen enkele manier medewerking aan te verlenen. Als iemand zich dan ook nog van vocabulaire uit de jaren ’40-’45 wenst te bedienen, lijkt het me duidelijk dat hij en zijn vazallen hier niet welkom zijn om in het openbaar te spreken. Dat geldt niet alleen voor Erdogan, dat geldt voor iedereen, ongeacht of hij Nederlander, Turk, Zwitser of wat dan ook is.

12 reacties

Opgeslagen onder Dubbele nationaliteit, Grensperikelen, Nederlandse verkiezingen, Reizen

Stemmen vanuit het buitenland volgens Den Haag: “jammer dan!”

Gisteren hebben we tot onze spijt vast moeten stellen, dat Den Haag bij het stemproces voor Nederlanders vanuit het buitenland regels en procedures laat prevaleren boven een pragmatische oplossing. In kort geding heeft de rechter de vordering van 154 eisers om de stemtermijn met een week op te rekken, afgewezen. Hoewel de motivatie van de rechtbank nog niet ontvangen is, moeten we er van uitgaan dat de rechter het belang van een letterlijke uitvoering van de Kieswet prevaleert boven een pragmatische oplossing.

Het feit dat de gemeente Den Haag een belangrijke informatieblunder heeft gemaakt valt blijkbaar onder de categorie “jammer dan!” of “rot voor u”. Het Algemeen Dagblad vatte het vanochtend in één tekening samen:

17157405_1353623568029188_8494756611370252739_o

Er zijn meerdere mogelijkheden om vanuit het buitenland te stemmen. De bekendste is het stemmen per brief. Op het moment dat je je daarvoor registreert, lees je op de website van de Gemeente Den Haag, dat de stembescheiden ongeveer 6 weken vantevoren worden opgestuurd. Dat dat door wettelijke bezwaar- en inspraakprocedures ook wel eens 3 weken kan worden, blijft onvermeld.
Precies dat is wat we Den Haag verwijten. Veel kiezers zouden voor een andere oplossing (bijvoorbeeld stemmen per volmacht) gekozen hebben, als ze geweten hadden, dat die 6 weken ook zomaar 3 weken kunnen worden. Toen eenmaal bleek, dat het inderdaad maar 3 weken werd, was het te laat om de keuze voor een briefstem te wijzigen in een keuze voor een volmacht.

Hoe nu verder? Er is, in elk geval in theorie, een hoger beroep (bij een kort geding heet dat een “spoedappel”) tegen de uitspraak van de rechter mogelijk. Of dat een reële optie is, kan pas worden bepaald als de motivatie van de rechtbank bekend is geworden. En zo’n spoedappel, als we het al aanvragen, komt pas op het laatste moment. Woensdag zijn er al verkiezingen.

Maar we zitten niet bij de pakken neer. Laten we er voor zorgen dat de stembiljetten die nog voor 15 maart bij de kiezers (sic!) aankomen, zo goed en zo kwaad en vooral zo snel als het kan naar de briefstembureau’s komen. In landen met een eigen briefstembureau kan dat bijvoorbeeld door een koerier in te schakelen. Een dure grap – en daarom wordt er een Koerierfonds geopend. Met crowdfunding willen we geld bij elkaar verzamelen om mensen die een koerier inschakelen voor het per superexpres versturen van hun stembiljet zo veel mogelijk schadeloos te stellen.

1 reactie

Opgeslagen onder Bureaucratie, of de Strijd om de Paarse Krokodil, Grensperikelen, Nederlandse bureaucratie, Nederlandse verkiezingen, of de Strijd om de Paarse Krokodil, Post en telecommunicatie

Ombudsman: Overheid informeert onvoldoende over verlies Nederlanderschap

Er is deze keer eens goed nieuws over de Nederlandse overheid en dubbele nationaliteiten. Dat komt niet van de overheid zelf, maar van de nationale ombudsman. Die stelt na een uitvoerig onderzoek vast, dat de Nederlandse overheid Nederlanders in het buitenland onvoldoende informeert over het feit dat zij in een aantal gevallen hun Nederlanderschap kunnen kwijtraken als ze een tweede nationaliteit aannemen, of als ze hun paspoort niet minstens elke 10 jaar verlengen.

De wetgeving hierover is vastgelegd in de Rijkswet op het Nederlanderschap. Het gaat te ver om alle details hier te noemen.
Hoofdregel één is: als je als Nederlander een andere nationaliteit aanneemt, verlies je op dat moment (automatisch) je Nederlanderschap. Er zijn uitzonderingen voor mensen die gehuwd zijn met iemand die die nieuwe nationaliteit al heeft en voor kinderen die in het betreffende land geboren zijn of er lang gewoond hebben.
Hoofdregel twee is: als je naast je Nederlandse nationaliteit nog een andere nationaliteit hebt, en je woont buiten de EU en “de Antillen”, dan verlies je je Nederlanderschap als je niet minstens elke 10 jaar een Bewijs van Nederlanderschap of een Nederlands paspoort aanvraagt.

De ombudsman stelt nu vast, dat de Nederlandse overheid de betroffenen niet of onvoldoende informeert over het feit dat ze hun Nederlanderschap dreigen te verliezen. Omdat het verlies automatisch gaat (je krijgt er zelfs geen bericht over en er is ook geen beroep mogelijk tegen het verlies) komen velen er pas achter als ze hun Nederlandse paspoort willen verlengen of als ze aan de Nederlandse grens staan.

De ombudsman heeft ook adviezen voor de Nederlandse overheid:

  • Informeer de juiste mensen actief en gericht;
  • Tref een spijtoptantenregeling voor mensen die onbewust en ongewild hun Nederlanderschap hebben verloren.

Het goede nieuws is, dat de ombudsman het probleem erkent en vindt dat de overheid er eens wat aan moet gaan doen. Maar de vraag is, of de ombudsman wel de juiste opdrachten heeft gegeven.

Informeer de juiste mensen actief en gericht
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Het fundamentele probleem is, dat de Nederlandse overheid geen enkele administratie heeft van Nederlanders in het buitenland. Hoe moet de overheid er dan achter komen, wie de juiste mensen zijn? Tegenwoordig hangen op de Nederlandse ambassades netjes briefjes, dat je je Nederlanderschap kunt verliezen. Als je je paspoort komt verlengen, krijg je zo’n briefje mee. Dat is zonder meer met de beste bedoelingen gemeend, maar het probleem lag toch net bij de mensen die hun paspoort niet binnen tien jaar verlengen? En ook voor het verkrijgen van een nieuwe nationaliteit kom je niet eerst langs bij de ambassade voor een kakelvers Nederlands paspoort.
Het probleem zit dan ook dieper: er is geen administratie. Zelfs de simpelste biljartclub heeft een ledenadministratie, maar de BV Nederland heeft, u leest het goed, geen ledenlijst.

Nee, hij is er echt niet. Binnen Nederland is er de gemeentelijke basisadministratie. Daar staat, voorzover je ten minste in Nederland woont, ook je nationaliteit in vermeld, zodat het van alle inwoners van Nederland duidelijk is, wie er Nederlander is en wie niet. Maar als je niet in Nederland woont, sta je niet in die administratie. En andere administraties zijn er niet. Toen ik, nu bijna zeven jaar geleden, het stadhuis van Nieuwegein bezocht om te melden, dat ik naar Zwitserland wilde emigreren, bleek ik in een administratief gat te vallen. Ik hoefde niet te bewijzen dat ik ging emigreren en evenmin hoefde ik informatie te verstrekken over mijn nieuwe woon- en verblijfplaats. “Nee hoor, u bent nu uitgeschreven en dat is dan dat,” zei de vriendelijke ambtenaar. “Veel geluk in Zwitserland, meneer Laan!” En dat was dan inderdaad dat. Ik heb een vriendelijk verhuisbriefje geschreven aan de Belastingdienst (ik verwachtte nog geld terug te krijgen en dan is het fijn, als ze je kunnen vinden) en de Belastingdienst heeft inderdaad wat leuks met mijn girorekening gedaan en op mijn nieuwe Zwitserse adres nog ooit iets gemompeld over conserverende aanslagen (zonder ze ooit op te leggen), maar – ik val in herhalingen – dat was dat.

Mocht u nog ooit voor de Nederlandse Belastingdienst of andere Nederlandse instanties op de vlucht willen slaan, doet u dan als ik: ga naar het stadhuis en zeg dat u naar het buitenland verhuist. Er kraait gegarandeerd geen Nederlandse haan meer naar u.

Is dat op te lossen? Jawel. Zo kunnen Zwitsers hun land niet verlaten op de manier die ik hierboven beschreef. Men is verplicht zich bij de ambassade van het nieuwe woonland te melden. En zo ontstaat een “ledenlijst”. En informeert de overheid. En stuurt je automatisch de stembescheiden toe bij verkiezingen, referenda en andere Abstimmungen. Als Nederlander moet je je actief registreren, bij elke verkiezing opnieuw. Hoef je als Zwitser niet. Leve de “ledenlijst”. Ook voor Nederland zelf is die lijst handig. Immers, er is weer een mogelijkheid minder om voor de Nederlandse bureaucratie te kunnen vluchten door “spookburger” te worden.

Ook maar een ledenlijst voor Nederlanders in den vreemde? Waarom niet! Het enige probleem is “het begin”. Hoe krijg je alle administratief onvindbare Nederlanders (het zijn er ergens tussen de 700.000 en de 1.200.000 – alleen die bandbreedte geeft al aan dat men werkelijk geen flauw idee heeft over Nederlanders buiten Nederland) op die lijst? Maar goed, alle begin is moeilijk. In elk geval: alle mensen die zich actief melden, komen op de lijst. En alle Nederlanders die Nederland verlaten ook, en iedereen die om wat voor reden dan ook bij de Nederlandse ambassade komt (paspoort aanvragen…) ook.

Er moet een spijtoptantenregeling komen
Ook dat is goed bedoeld, natuurlijk. Maar het is niet meer dan een pleister op de wonde. (Ex-)Nederlanders die een tweede nationaliteit hebben aangenomen en daarom tot hun eigen verbazing  hun Nederlanderschap hebben verloren, hebben voor het verkrijgen van die tweede nationaliteit vaak heel veel moeten investeren. Hier in Zwitserland duurt de procedure minstens een jaar (maar het kunnen er ook makkelijk twee of drie worden) en kunnen de kosten makkelijk duizenden euro’s bedragen. Dat je achteraf je Nederlandse pas terugkrijgt is mooi, maar waarschijnlijk moet je dan ook weer afscheid nemen van je duur bevochten nieuwe pas.

Wat betreft de tien-jaar-regel: het is nogal suf om een regeling op te stellen dat je je Nederlanderschap kwijtraakt als je nog een andere pas hebt en tien jaar geen Nederlandse pas besteld hebt – en vervolgens een spijtoptantenregeling opstelt om die Nederlandse pas weer terug te krijgen. Dan kun je beter die hele tien-jaar-regel schrappen.

Hoe dan wel?
Het antwoord staat eigenlijk hierboven al:

  • Begin met die ledenlijst van de BV Nederland
  • Schaf de tien-jaar-regel af
  • en (dat stond hierboven nog niet) stop met moeilijk doen over dubbele nationaliteiten. Het streven naar louter enkelvoudige nationaliteiten komt uit de 19e eeuw en is inmiddels meer dan achterhaald.

5 reacties

Opgeslagen onder Bureaucratie, of de Strijd om de Paarse Krokodil, Dubbele nationaliteit, Grensperikelen, Inburgering, Mijn emigratie - zomer 2009, Nederlandse bureaucratie, Nederlandse verkiezingen

De directe democratie in de kinderschoenen

Nu de datum van het “Oekraïne-referendum” met rasse schreden dichterbij komt, wordt het steeds duidelijker, dat het hier om een bizar referendum gaat. De indienders van het referendum zijn niet de eigenlijke initiatiefnemers en de initiatiefnemers hebben geen enkele interesse voor het onderwerp van het referendum. Sommige mensen, zoals Paul Steenhuis vandaag in nrc.next, roepen zelfs op om dit en alle toekomstige referenda te boycotten. Dat laatste gaat wel erg ver, maar niettemin ontstaat de indruk dat Nederland nog wel erg wankel op de benen staat bij de eerste stapjes op de weg van de directe democratie. Zo ongeveer als de junta-regeringen in Afrika en Zuid-Amerika de eerste wankele stapjes van de voormalige koloniën waren op weg van slavernij naar vrijheid en democratie.

Het is op zijn zachtst gezegd merkwaardig, dat een groep mensen een referendum totstandbrengt over een onderwerp dat ze niet in het minst interesseert. Arjan van Dixhoorn, Beate Supheert en Pepijn van Houwelingen verklaren doodleuk: “Oekraïne kan ons natuurlijk niets schelen, dat moet u begrijpen”. Doel van het lugubere trio is een Nexit, een vertrek van Nederland uit de EU dus, of nog liever: het kapotmaken van de EU. En daarbij zijn alle methoden geoorloofd, die de relatie tussen de EU en Nederland onder druk zetten. Het trio heeft er zelfs voor gezorgd dat de behandeling van de wet over het verdrag een week verschoven wordt, zodat het parlementsbesluit onder de referendumwet valt die sinds 1 juli 2015 van kracht is. In de gewone apolitieke wereld noemen we dit soort dingen “sabotage”. Van de drie saboteurs geeft er maar één toestemming om herkenbaar op de foto in de krant te komen.Sabotage gebeurt in stilte, achter de schermen, achterbaks.

Ook de indieners van het referendum, GeenStijl, interesseert de Oekraïne niet het minst. “Een leuk zomerdingetje” noemde redacteur Bart Nijman het. Hij is alleen geïnteresseerd in publiciteit voor zijn medium.

En doordat een aantal wizzkids voor elkaar kreeg dat handtekeningen voor een referendum ook digitaal kunnen en mogen worden verzameld, zitten we nu opgezadeld met een volksraadpleging waar het volk helemaal niet over geraadpleegd lijkt te willen worden.

Nee, ook hier in Zwitserland kun je niet zomaar over alles een referendum organiseren. Om te beginnen kun je niet over alle wetsbesluiten een referendum organiseren en bovendien ligt de handtekeningendrempel hoger dan in Nederland. Dat heeft niet zozeer te maken met het aantal handtekeningen (voor een facultatief referendum ligt dat hier op 50.000; gecorrigeerd voor inwoneraantal zou het voor Nederland ongeveer 100.000 zijn) maar vooral met het feit dat die handtekeningen op papier verzameld moeten worden. Dat is een behoorlijke drempel: je moet eerst een heel stelletje vrijwilligers op de been helpen die bereid zijn die handtekeningen voor je te gaan verzamelen.

Paul Steenhuis roept vandaag in nrc.next zelfs op om het sabotagereferendum te saboteren door niet te gaan stemmen en zo te zorgen dat de drempel van 30% niet wordt gehaald. Dat gaat mij te ver.

Om te beginnen is het referendum raadgevend. Of nu 29% of 31% van de kiezers naar de stembus gaat, doet onder de streep niet ter zake. De regering kan de uitslag naast zich neerleggen, ongeacht de uitslag en de opkomst. De beste sabotage van het sabotagereferendum is dus een “ja” en niet een “wegblijven”. Een 30%-drempel bij een referendum dat toch alleen maar raadgevend is, is hooguit een merkwaardig construct in de wet.

Bovendien: het sabotagereferendum is er nu eenmaal. Ook al interesseert het onderwerp de indieners niet in het minst – nu je mening gevraagd wordt, kun je die ook maar het beste geven.

Maar er is nog wat belangrijkers. Steenhuis negeert met zijn boycot de ongrijpbare, maar duidelijk voelbare, onvrede van veel Nederlanders met de politiek. De opkomst van steeds extreme partijen, vooral rechts maar ook wel links van het politieke midden, de ronduit onbeschofte taal die sommige landgenoten in danwel buiten het parlement menen te moeten bezigen, het zijn allemaal tekenen dat men “ontevreden” is, ook als dat gevoel van ontevredenheid nogal eens onvoldoende concreet gemaakt kan worden en daarom vaak ontaardt in het zoeken van zondebokken. Het “minder, minder” van Geert Wilders spreekt boekdelen.

Directe democratie is wel degelijk ergens goed voor. Allereerst is het niet ondenkbaar dat er ook in Nederland onderwerpen op de politieke agenda komen te staan die wel de daadwerkelijke interesse van een referendumcomité wekken kunnen. Er is niets mis mee om de kiezer over een “noodrem” te laten beschikken voor die situaties waarin de door hem gekozen regering naar zijn mening te ver gaat. Zwitserland heeft een dergelijke noodrem en die functioneert – al gaat het misschien wat anders dan u denkt. En ook in de trein is een noodrem – al hebt u hem waarschijnlijk nog nooit nodig gehad – een geruststellend idee. Laat ik dat illustreren met een voorbeeldje uit mijn eigen werk bij de Zwitserse spoorwegen.

Op een van hun eerste werkdagen bij de SBB (zeg maar, de Zwitserse NS en ProRail samen) krijgen nieuwe medewerkers één ding onmiskenbaar ingepeperd: de SBB bestaat bij de gratie van de bereidheid van de staat, te investeren in de infrastructuur. Die investeringen zijn veelal zo groot, dat ze alleen doorgang kunnen vinden als ze in een referendum door het volk worden goedgekeurd. En het volk keurt dergelijke investeringen alleen goed, als het de zin ervan inziet. Het gaat wat ver om meteen een causaal verband te trekken tussen het voortreffelijke Zwitserse openbaar vervoer en de directe democratie, maar het is een feit dat het een invloed op het andere heeft. De Zwitserse staat en de SBB zouden het bijvoorbeeld niet in haar hoofd halen om op kosten van de belastingbetaler een Hanzelijn aan te leggen die over het modernste beveiligingssysteem beschikt en waar 200 km/u op gereden kan worden, en er dan doodleuk overheen te rijden met treinen die met het beveiligingssysteem uit de jaren ’50 functioneren en daarmee niet sneller dan 140 km/u kunnen. Waarom niet? Wel, als je zo’n kunstje één keer flikt, krijg je de volgende keer geen “ja” meer voor je infrastructuurprojecten. In Nederland flikten de overheid, NS en ProRail dit kunstje een paar jaar geleden.

De “noodrem” van de Zwitserse referendumwetgeving is er dan ook net zo eentje als in de trein: hij werkt preventief en er wordt in de praktijk niet zo heel vaak gebruik van gemaakt. Haar werking ervaar je niet zozeer in het stemhokje, maar vooral in alle gevallen waarin de politiek vóórdat een besluit wordt genomen al nadenkt over wat de bevolking er van zal vinden. En uiteindelijk is dat het doel van de representatieve politiek: verstandige besluiten nemen. Als de politici dat niet vanuit zichzelf doen, is een referendum een stok achter de deur. Die stok geeft de burger een zeker gevoel van vertrouwen, zoals de noodrem dat in de trein ook doet. Maar het is geen stuk speelgoed om eens referendumpje mee te gaan spelen. Dat is, inderdaad, GeenStijl.

 

2 reacties

Opgeslagen onder Democratie, Grensperikelen, Nederlandse verkiezingen, Politiek, Typisch Zwitsers

Stemtest vanuit het buitenland

Gisteren werd mijn mailbox opgevrolijkt door een berichtje van het bureau verkiezingen in Den Haag. U weet wel, dat is het bureau dat ervoor probeert te zorgen dat ook Nederlanders in het buitenland aan verkiezingen voor de Tweede Kamer en het Europees Parlement kunnen deelnemen. Normaal is dat bureau een schietschijf voor kritiek vanwege alle problemen die bij dat stemmen ontstaan. Maar het mailtje van gisteren stemt tot mildheid.

Want of het nu door de nieuwe regering komt of niet – men gaat daadwerkelijk proberen om het stemmen vanuit het buitenland eenvoudiger te maken. En dat gaat nu getest worden. Met een nepstemformulier met neppartijen en nepkandidaten – maar het is dan ook een test. De Nederlandse politiek is niet een dermate puinhoop dat de regering al binnen één week valt.

Het idee lijkt het volgende te zijn. De grootste flessenhals in het hele stemproces is uiteindelijk Tante Pos. De kandidatenlijsten voor de verkiezingen zijn pas zo’n zes weken vantevoren bekend, zodat ook pas dan de stembiljetten op de post kunnen worden gedaan naar alle kiezers buiten Nederland die zich hebben aangemeld. Woon je in een land met een beschaafd postsysteem, dan is dat allemaal geen probleem. Je ontvangt je stembiljet na een weekje, en hebt dan nog vijf weken om je stem uit te brengen en per post terug te sturen. Maar veel delen van onze planeet hebben een veel langzamer postsysteem. Soms ontvang je je stemformulier pas na vijf weken, en weet je dat de post terug naar Nederland er nog eens vijf weken over gaat doen. Je stem komt dan te laat binnen om nog mee te tellen. Eigenlijk mag de post er dus niet langer dan krap drie weken (enkele reis) over doen.

Tja, de internationale verzameling van alle Tantes Pos kunnen ze in Den Haag niet beïnvloeden. Dus proberen ze de hoeveelheid post te beperken door het stembiljet geen retourtje, maar slechts een enkele reis te laten afleggen. Dat gaat dan waarschijnlijk ongeveer zo:

  • Net als nu moet je je als Nederlander buiten Nederland registreren. Nederland neemt namelijk niet de moeite om een lijstje bij te houden van Nederlanders in het buitenland. Dat registreren kan vaak al maanden vantevoren, en tegenwoordig zelfs per e-mail (je kunt een scan van je paspoort opsturen).
  • Direct na een geslaagde registratie krijg je alle stembescheiden toegestuurd, zoals de retourenvelop en het briefstembewijs, met uitzondering van het eigenlijke stembiljet. Al die bescheiden heb je dus al veel eerder in huis en de internationale Tante Pos kan het geheel op haar gemakkie komen bezorgen, ook als ze daar in donker Afrika zes weken voor nodig meent te hebben.
  • Zodra de kandidatenlijsten bekend zijn, krijg je het stembiljet per e-mail toegestuurd. Je hebt dat dan dus al zes weken voor de verkiezingen in de bus, en hoeft niet te wachten totdat een donkerafrikaanse Tante Pos je brievenbus heeft gevonden.
  • Je print het stembiljet uit, vult het in en stuurt het, net als nu al het geval is, per Tante Pos terug naar je ambassade of naar Den Haag. Eventuele trage posterijen hebben nu de volle zes weken die tussen het bekendmaken van de kandidatenlijsten en de verkiezingsdatum liggen de tijd om de brievenbus van ambassade of gemeente Den Haag te vinden.

Ik heb al met verschillende Nederlanders in het buitenland gediscussieerd over het plan. We vinden:

  • Dat dit idee in elk geval “beter dan niets” is. We gaan dus zeker aan de test meedoen en hopen dat hij slaagt.
  • Dat het echter nog steeds niet de ideale oplossing is.
    • Het registreren blijft een flessenhals. Niet in tijd, wel in moeite. Als Nederland een soort GBA zou hebben voor Nederlanders in het buitenland, zou dat hele registreren niet nodig zijn. De GBA zou alle Nederlanders prima weten te bereiken. Andere landen, zoals Zwitserland, hebben een dergelijke administratie en Zwitsers buiten Zwitserland hoeven zich dan ook niet telkens opnieuw te registreren voor de vele verkiezingen en referenda die Zwitserland heeft.
    • Het wordt nu voor een veel grotere groep mensen mogelijk om per post te stemmen, omdat de post simpelweg meer tijd gaat krijgen om het ingevulde stembiljet in Den Haag af te leveren. Dat is mooi – maar er zijn op de wereld nog steeds middeleeuwse postsystemen die het niet redden om een brief in zes weken te versturen en er blijven dus nog steeds mensen die niet mee kunnen doen aan de verkiezingen.
    • Kandidaten voor de verkiezingen kunnen nauwelijks campagne voeren voor Nederlanders in het buitenland. Als in Nederland de campagnes en TV-debatten beginnen, hebben we hier al lang en breed onze stem uitgebracht. Daar verandert ook het nieuwe briefstemmen niets aan.
    • De ideale situatie zou nog altijd zijn: stemmen op de dag van de verkiezingen zelf. Bijvoorbeeld via Internet – of op een andere manier, als iemand een ander ei van Columbus weet te vinden.

We zijn ons bewust dat verkiezingsorganiserend Nederland sinds het gerommel rondom de stemcomputers hopeloos digifoob is en het daarom nog wel enkele decennia zal gaan duren voordat stemmen vanuit het buitenland via Internet mogelijk wordt. Dus ondersteunen we de huidige verbeteringen van de gemeente Den Haag en gaan ze de komende dagen belagen met teststemmen!

Meer informatie: www.teststembiljet.nl

6 reacties

Opgeslagen onder Bureaucratie, of de Strijd om de Paarse Krokodil, Grensperikelen, Internet, Nederlandse bureaucratie, Nederlandse verkiezingen

1620

Zoveel stemmen heeft Eelco Keij uiteindelijk binnengehaald bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Om precies te zijn 730 stuks uit het buitenland en 890 uit Nederland. Lang niet genoeg om gekozen te worden. Eelco trekt zelf de volgende conclusies:

  • Veel kiezers hebben gesproken, maar niet alle. Van de 50.000 geregistreerde Nederlanders in het buitenland heeft uiteindelijk maar 70% zijn stem uitgebracht. De overige 15.000 hebben dat niet gedaan, of niet kunnen doen – bijvoorbeeld omdat de post te langzaam was of omdat er fouten zijn gemaakt bij de registratie. Maar: zie ook de update onderaan deze blog.
  • Het aantal ongeldige stemmen onder die 35.000 was een stuk lager dan bij de vorige verkiezing. Desondanks nog 212 stuks.
  • 1620 stemmen is veel te weinig om in de Kamer gekozen te worden, maar voor een eerste campagne niet slecht. Voldoende reden voor een vervolg èn om de expat-thema’s op de politieke kalender te laten staan. De expatcampagne van Eelco heeft voor wat betreft de geschreven pers over D66 na de campagne van de lijsttrekker zelfs de meeste aandacht gegenereerd.

Kortom: over vier jaar (of eerder, als Mark en Diederik snel ruzie krijgen) weer?

Update
Inmiddels is er meer duidelijkheid in het hoe en het waarom van die 15.000. Het ligt gelukkig niet alleen aan de trage internationale post. Om precies te zijn:
48.374 mensen hebben zich geregistreerd. Daarvan hebben er 40.493 gekozen voor het stemmen per post. De overigen hebben een kiezerspas aangevraagd (bijvoorbeeld omdat ze vlak aan de grens wonen en gewoon in een Nederlands stembureau kunnen gaan stemmen) of een volmacht afgegeven om iemand anders in Nederland te laten stemmen. Van de 40.493 briefstembewijzen zijn er uiteindelijk 35.898 op tijd in Den Haag of bij een buitenlands stembureau aangekomen. Opkomst onder de geregistreerde briefstemmers is dus 88% – duidelijk hoger dan de Nederlandse opkomst dus.

2 reacties

Opgeslagen onder Bureaucratie, of de Strijd om de Paarse Krokodil, Nederlandse bureaucratie, Nederlandse verkiezingen