Nee tegen tunnels en tegen rechtsongelijkheid

Terwijl in Nederland de eerste campagnes over het “raadgevend referendum” van april al lopen, moeten ik hier eerst in mijn andere “eigen” land aan de bak. Op 28 februari wordt er in Zwitserland over vier “referenda” gestemd. Die zijn overigens niet raadgevend, maar bindend. De hoogste baas van Nederland heet Willem-Alexander, de hoogste baas van Zwitserland is het Zwitserse volk.

De directe democratie van Zwitserland wordt soms geroemd in het buitenland, vooral op momenten dat men zich door de eigen politiek beetgenomen, besodemieterd of bedonderd voelt. Het is dan ook belangrijk een paar kanttekeningen bij de directe democratie te maken, al is het maar om u gerust te stellen: ook hier kun je, de directe democratie ten spijt, natuurlijk belazerd worden door ’s lands politiek.

Een Zwitsers “referendum” mag dan wel bindend zijn, maar de uitvoering van dat referendum is daarmee nog lang niet geregeld. Bekend is het referendum over de invoering van het algemeen vrouwenkiesrecht. Dat vond in 1971 – rijkelijk laat naar internationale maatstaven – plaats. Maar in de praktijk was de uitvoering van dit referendum pas in 1991 voltooid. Pas toen dwongen de hoogste nationale rechters het kanton Appenzell Innerrhoden het vrouwenkiesrecht daadwerkelijk in te voeren.

De vier komende volksraadplegingen c.q. -initiatieven in Zwitserland zorgen vrijwel zonder uitzondering voor veel discussie. Het gaat dan ook over een aantal beladen onderwerpen.

Rechtsongelijkheid?
Je zou zeggen dat in een beschaafd land als Zwitserland nauwelijks rechtsongelijkheid heerst. Inderdaad, we hebben het hier goed. Zo komen bizarre lijfstraffen, die we uit Saoedi-Arabië kennen, hier niet voor, en proberen rechters oprecht eerlijk en neutraal recht te spreken. En als de twee referenda die over “rechtsongelijkheid” gaan, allebei aangenomen worden, neemt de rechtsongelijkheid hier ook niet toe of af. Als ze allebei afgewezen worden trouwens ook niet.

Het eerste “rechtsongelijkheids-referendum” is een initiatief van de Christendemocraten en heet het Heiratsstrafe-initiatief. Het gaat om belastingen. In Zwitserland vul je als echtpaar een gezamenlijke belastingaangifte in. Fiscaal is dat in het algemeen ongunstig, vooral als beide partners inkomen en/of vermogen aan te geven hebben. Praktisch: als Annina en ik ons voor de wet zouden laten scheiden, betalen we per jaar een paar duizend franken minder belasting. En ja, er zijn echtparen die zich om die reden hebben gescheiden – hoewel ze in de praktijk nog steeds gewoon samenwonen. Het initiatief van de Christendemocraten wil, dat deze financiële ongelijkheid (die ze Heiratsstrafe noemen) wordt opgeheven en dat echtparen niet structureel meer belasting moeten betalen. Saillant detail van het initiatief: als het voorstel wordt aangenomen, staat meteen ook de Christendemocratische definitie van “echtpaar” in de grondwet en die krijg je er niet zo makkelijk meer uit. De definitie dateert uit de oertijd van het Christendom – met andere woorden: via een slinkse belastingtruc proberen de Christendemocraten ook de invoering van een homohuwelijk te bemoeilijken. Ook wordt er geen aandacht aan modernere samenlevingsvormen geschonken (geregistreerd partnerschap bijvoorbeeld). Dat alleen al is voor veel andere partijen voldoende reden om het initiatief te verwerpen.
In alle gevallen: het gaat hier om een Volksinitiative. Het moet door een meerderheid van de kantons en een meerderheid van de bevolking worden aangenomen. En dan moet het nog in wetgeving worden omgezet – en dat kan wel even duren.

Als het tweede initiatief wordt aangenomen, neemt de rechtsongelijkheid in Zwitserland duidelijk toe. Het gaat om het Durchsetzungs-initiatief van de SVP. Een paar jaar geleden heeft dezelfde club het Ausschaffungs-initiatief aan een meerderheid geholpen. Dat initiatief stelt, dat buitenlanders die een misdrijf van een zekere omvang begaan, automatisch hun verblijfsrecht in Zwitserland verliezen. De stemming vond al in 2010 plaats, maar het resultaat is (gelukkig) nog steeds niet in wetgeving omgezet. Dat is dan ook niet zo heel makkelijk:

  • De voorgestelde wetstekst druist in tegen diverse internationale volkenrechtelijke verdragen die Zwitserland mede-ondertekend heeft. Als het initiatief in wetgeving wordt omgezet, moet Zwitserland, als het consequent is, die verdragen eigenlijk opzeggen. Doet het dat niet, dan zal de eigen, nieuwe, wetgeving regelmatig worden overruled door uitspraken van bijvoorbeeld het Europese Hof voor de Mensenrechten. Maar die verdragen opzeggen durft men natuurlijk ook niet goed – Zwitserland belandt dan op diverse lugubere lijstjes van organisaties als Amnesty International, in goed gezelschap van o.a. Noord-Korea.
  • De voorgestelde wetstekst is ook juridisch verwerpelijk. Een fundament van de rechtsprekende macht is, dat de rechter bij het uitspreken van een oordeel en een vonnis rekening houdt met de specifieke situatie van de verdachte. In de praktijk betekent dat, dat in sommige gevallen een buitenlander inderdaad uitgewezen wordt (het schijnt ongeveer 500 keer per jaar te gebeuren). Door de eis op te leggen dat een verdachte van buitenlandse afkomst bij een veroordeling hoe dan ook zijn verblijfsrecht in Zwitserland verliest, betekent dat de rechter niet meer vrij is bij het bepalen van de ondergrens van de strafmaat. In de praktijk zou het betekenen, dat niet 500 maar zo’n 10.000 buitenlanders per jaar hun verblijfsrecht in Zwitserland definitief verliezen. Er zijn dan ook 120 professoren in de rechten die verklaard hebben, dat ze tegen het initiatief zijn. Er is 1 professor in de rechten die vóór is – maar die is naast professor ook prominent SVP-lid van de Nationalrat (Tweede Kamer).

Hoewel dit SVP-initiatief zeker zo mensenverachtend en verwerpelijk is als het oorspronkelijke Ausschaffungs-initiatief, en het pas aangenomen wordt als een meerderheid van Volk und Stände (meerderheid van stemmen en meerderheid van de kantons) “ja” zegt, is het helaas niet onwaarschijnlijk dat het initiatief erdoor komt. Gelukkig: ook dat betekent nog niet dat het meteen in wetgeving is omgezet. U ziet: volksinitiatieven zijn wel “bindend” in Zwitserland, maar dat betekent toch niet meteen dat ze worden uitgevoerd.

Boren, boren, boren!
Zwitserland lijkt af en toe op een reusachtige tandartspraktijk. Overal wordt geboord. Niet zozeer in tanden als wel in bergen. En de gaten worden gevuld. Meestal met spoor of asfalt, en daarna met treinen of auto’s.

Zo’n veertig jaar geleden werd bijvoorbeeld de autotunnel door het Gotthardmassief geboord. Sindsdien kunnen automobilisten het hele jaar door op eigen kracht van kanton Uri naar kanton Ticino rijden. Het gaat daarbij om een internationale route, die ook en vooral door het internationale vrachtverkeer van Noord- naar Zuid-Europa wordt gebruikt. Daarnaast zijn vakantiegangers dankbare gebruikers van dit gat. Vervelend is alleen, dat met name de vakantiegangers het liefst allemaal tegelijk door dat gat gaan. En aangezien het gat tweebaans en de toeleidende autosnelwegen vierbaans zijn, leidt dat op een paar dagen per jaar (de eerste zaterdag van schoolvakanties in Nordrhein-Westfalen, Tweede Pinksterdag en nog zo wat typische vakantiespitsuren) tot gigantische files. Veel Duitsers en Nederlanders die Zwitserland alleen kennen van hun doorreis naar Italië, denken dat de Gotthardtunnel het grootste fileprobleem van Zwitserland is. Wat eigenlijk niet waar is. Er rijdt ook helemaal niet zo veel verkeer doorheen. Gemiddeld 17.000 voertuigen per dag. Ter vergelijking: over het stationsplein van wereldstad Olten (17.000 inwoners) passeren dagelijks 24.000 voertuigen.

Wat is nu het probleem? De Gotthard-autotunnel is aan groot onderhoud toe. En men heeft bedacht, dat dat het beste kan gebeuren als er eerst een tweede, nieuwe tunnel wordt geboord. Het verkeer kan dan door de tweede tunnel terwijl de eerste wordt gereviseerd. En daarna… is er ineens een vierbaans- in plaats van een tweebaanstunnelverbinding. En precies dat schiet bij veel Zwitsers in het verkeerde keelgat. Al bij heel veel eerdere besluiten heeft het volk zich voor een beperking van het verkeer door de Alpen, in het bijzonder het internationale vrachtwagenverkeer, uitgesproken. De verkeerspolitiek is er op gericht om internationaal goederenvervoer door Zwitserland zo veel mogelijk per trein te laten plaatsvinden. Dat beleid van de laatste decennia komt met een tweede tunnel natuurlijk ter discussie te staan. En dat juist op het moment dat het grootste bouwproject dat uit dit beleid voortkwam, de 57 kilometer lange spoortunnel door de Gotthard, klaar staat om in gebruik te worden genomen.
En daarom hebben de grote fans van dit plan plechtig, op hun eerstecommuniezieltje, beloofd, dat die twee tunnels elk zullen bestaan uit één rijbaan en één vluchtstrook.
Natuurlijk gelooft niemand, dat dat werkelijk gaat gebeuren. Zelfs de minister van verkeer, die het voorstel heeft ingediend, heeft een paar jaar geleden gezegd dat natuurlijk niemand gelooft, dat van de vier banen er altijd twee ongebruikt blijven.
Ook dit voorstel hoort dus in de prullenbak. Het is bovendien peperduur: het plan voor de Gotthardtunnel kost ongeveer 2,8 miljard franken terwijl onze Oostenrijkse buren hun Tauerntunnel (die ongeveer even lang is en ongeveer op hetzelfde moment gebouwd is) voor een fractie van de prijs laten renoveren. Hoe dat kan?

  • In de Zwitserse “renovatie” is ook een verhoging van de tunnel ingepland. Dat is een Europese eis voor nieuwe tunnels – maar niet voor bestaande tunnels. De Oostenrijkers vinden hun tunnel “bestaand” en verhogen ‘m niet.
  • De Oostenrijkers bouwen natuurlijk geen tweede tunnel.

Desondanks ziet het er voor dit voorstel ook goed uit. In het comité van voorstanders zitten de grote bazen van de tunnel- en wegenbouwbedrijven en hoewel ze enerzijds water prediken (nee, de tunnels zullen nooit met meer dan twee banen gebruikt worden), drinken ze wijn (door te beloven dat de files zullen afnemen – wat natuurlijk alleen maar lukt als er meer dan twee banen in gebruik worden genomen). En de belofte “geen files meer bij de Gotthard” (of die nou nagekomen kan worden of niet), zal veel kiezers ertoe brengen om “ja” te stemmen. Ze staan dan op Tweede Pinksterdag niet meer in de file na hun uitstapje naar Ticino – tegelijkertijd zijn ze zich niet bewust, dat dat half uurtje eerder thuis ongeveer 2500 frank per gezin kost. Voor dat geld kun je – zelfs in Zwitserland – ruimschoots met de trein. Bovendien zijn de echte fileproblemen – voorzover je die wilt oplossen – niet bij de Gotthardtunnel maar bij de grote steden.

Een politiek verschil met de twee andere voorstellen: bij de “Gotthard” gaat het niet om een volksinitiatief, maar om een referendum. Bij een referendum krijgt het volk de gelegenheid om zich over een regeringsbesluit (in dit geval: “er komt een tweede Gotthard-autotunnel”) uit te spreken. In dit geval ging het om een facultatief referendum. Dat komt er alleen als er voldoende handtekeningen (50.000; in de praktijk waren het er zo’n 75.000) opgehaald worden. Bij een volksinitiatief is er geen sprake van een regeringsbesluit.
Dat lijken spijkers op laag water, maar er is een groot verschil: een volksinitiatief wordt alleen aangenomen als er zowel een meerderheid van de stemmen als een meerderheid van de kantons “ja” tegen zegt. Bij het facultatieve referendum is dat niet het geval. Het is voldoende, als een meerderheid van het volk instemt met de regeringsplannen, om de tweede tunnel te laten bouwen. Dat is pech voor veel tegenstanders van de tunnel, omdat de tegenstand in elk geval ook uit kantons met weinig inwoners (zoals Uri) komen zal.

U begrijpt, ik word al een echte conservatieve Zwitser, die overal “nee” stemt…

Advertenties

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

4 Reacties op “Nee tegen tunnels en tegen rechtsongelijkheid

  1. Sjors

    Dank je Twan, wederom een interessant en lezenswaardig stuk! Je boft maar in een land te leven waar het ooit-kroonjuweel van D66, het referendum, regelmatig in de praktijk wordt gebracht. In Nederland zijn sommigen er niet meer zo blij mee, met dat vervelende NEE-volk. Binnenkort hebben we hier bijvoorbeeld een referendum over een nieuwe geheime RISK-opdracht: “Verover alle voormalige Sovjetstaten, Doe dit subtiel en babbel voor 90% over Vrijhandel”.
    Maar daar mag je vast ook over gaan stemmen 🙂

    • Dank je, Sjors!
      Hoewel ik me van mijn bevoorrechte positie bewust ben hoop ik ook dat je de kanttekening hebt gelezen: veel wat via volksraadplegingen wordt “besloten” wordt maar mondjesmaat of langzaam omgezet. Soms is dat maar goed ook (met al die bizarre SVP-initiatieven), soms is het hemeltergend (vrouwenkiesrecht).
      Overigens geldt voor de derde volksraadpleging (Gotthard): het gaat hier om een verplicht referendum. De regering wil dit gat gaan boren – maar als het volk “nee” zegt, gaat het niet door. In die zin heeft “de hoogste soeverein” een noodrem die het volk in Nederland niet heeft.
      Wat betreft het referendum over de RISK-opdracht: als ik het goed begrepen heb, gaat het de indieners van het referendum vooral om een referendum-om-het-referendum. Gewoon omdat het kan, zal ik maar zeggen. Ik vind het een vreemd ding, en kan me voorstellen dat er wel belangrijkere dingen zijn om een referendum over te houden dan over onze betrekkingen met de Oekraïne.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s